Wij en de wereldbol

You are currently browsing the archive for the Wij en de wereldbol category.

wereldbolEn deze keer staat de wereldbol op toch wel een bijzonder puntje van de wereld: het meest Oostelijke puntje van Nieuw Zeeland (eilanden niet meegerekend). En als je dan een lijntje naar boven trekt, dan blijkt alleen nog een onherbergzaam stukje Rusland nog Oostelijker te liggen. De eilanden van Alaska tellen eigenlijk niet mee, want die liggen aan de andere kant van de datumlijn :-)

Dat betekent dat dit stukje land telkens als eerste de zon op ziet komen op een nieuwe dag! Dat is wel zo speciaal, dat we er om 6:00 voor zijn opgestaan toen we in Rangatukia tussen de paarden, koeien en varkens sliepen. Even een heuveltje op, en daar was de zon! We stonden daar samen met twee paarden te genieten van het eerste licht – en zijn toen nog voor een uurtje terug in bed gekropen..!

wereldbolNa een (1) nachtje Auckland zijn we snel de stad uit gegaan. We vonden een guesthouse in Te Atatu (bedankt Martijn, voor de site!), wat erg goedkoop was, maar wel 15 km buiten Auckland. Met een gehuurde auto was dat snel te overbruggen. En met de gehuurde auto zijn we nu op zoek naar een eigen auto. Jep, het wordt een auto, geen camper. Maar welke? Je kunt kopen bij dealers, langs de straat, op veilingen… en ze kunnen vanalles kosten, van NZ$500 tot NZ$5000. Maar we moeten ‘m natuurlijk wel kwijt kunnen na 3 maanden, en hij moet 3 maanden lang niet uit elkaar vallen. Kortom, we weten het nog niet precies, maar onze voorkeur verschuift naar de veiling (op woensdag is er weer eentje), omdat je dan ook qua technische keuringen enzo wat makkelijker wegkomt. Moeilijk, moeilijk, die keuzes hier! Ondertussen genieten we van het mooie uitzicht op Auckland, vanaf hier over het water van de Waitemata Harbour. Met de wereldbol…

P.S. Vergeet ook niet de tekst over het laatste mooie stukje ten noorden van Perth!

wereldbolIn Melbourne. De vlucht vanuit Perth duurde een uur of drie – best een eindje rijden dus, maar dat doen we hier niet meer. Volgende keer, want de zuidkust schijnt ook mooi te zijn…

We hebben onszelf verwend in Melbourne, want die diefstal zit nog steeds dwars. Dus hadden we een fatsoenlijk hotel midden in het centrum van Melbourne. Met een groot bed, TV en douche. Voor het eerst sinds een dag of 55 weer een bed dat niet op wielen staat!
De eerste dag zijn we naar een winkelcentrum ten Zuiden van Melbourne gegaan, waar we een Apple Store wisten. In eerste instantie voor een oplader voor de Ipod Shuffle (die gestolen was), maar al snel bleek Joost ook geinteresseerd in de Mac… En die werd het dus – al was het in een andere winkel, die een aanbieding had voor extra geheugen. We hebben dus weer een laptop, en we leggen die overal aan de ketting of in het bagagenet. Altijd. Iedere dag van de drie maanden die we nog reizen…

Gelukkig heeft Melbourne een Lincraft winkel (die zit niet in Perth, Nicoline!), waar ik uren kon snuffelen tussen lintjes, draadjes, frutsels, haaknaalden, en allerlei andere handwerkspullen. Niet veel gekocht, want de inhoud van een rugzak blijft beperkt. Maar wel een nieuwe haaknaald, want ook die was gestolen. Vast heel nuttig voor een dief… (not).

Ook in Melbourne zijn we naar de film geweest: Batman en Wall-E. De nieuwe Disney/Pixar is echt leuk. Wall-E en Eve zijn schattige robotjes. En dat kan – Pixar kan schattige robotjes maken! En we hebben lekker veel Chinees gegeten in het Chinatown. Dus dat was Melbourne, afgezien van de huldiging van de Olympische atleten.

wereldbolDe wereldbol is bij Mike en Jan thuis. Wij waren zo blij dat we bij hen konden blijven na die diefstal in Fremantle! We zijn zelfs een dagje eerder gegaan, zodat we uit die campervan met kartonnen raam konden. Mike en Jan hebben een grote caravan (met vast bed, wc, douche, keukentje en zithoek – echt!), waar wij gebruik van mochten maken.
De volgende dag hebben we de campervan teruggebracht naar Backpacker/Britz en waren we er vanaf. Niet dat we tevreden zijn over die organisatie… Voor het verlengen van de huur hadden ze een nieuwe dagprijs gerekend (hoger, natuurlijk) en je betaalt iedere keer een credit card bonus – het enige bedrijf in heel Australie dat ons laat betalen voor het gebruik van de credit card. En het gaat niet eens om kleine bedragen! Afijn, we waren er vanaf. Totaalscore: we hebben 8400 kilometer gereden!

Vervolgens hebben we twee dagen Perth onveilig gemaakt. Nou ja, gewoon lekker gewinkeld in het centrum (al hadden we nog weinig zin om dingen te kopen) en in het park gelopen. In King’s Park konden we opnieuw foto’s maken van de kangoeroe met jongKangaroo Paw en andere bloemen. En we zijn naar de film geweest, want daarmee vergaten we tenminste de vervelende dingen eventjes. Op een bijzondere begraafplaats in Padbury lopen honderden kangoeroes over de graven (die slechts een ‘plakkaat’ hebben, geen grafsteen). Het is een soort park/dierenpark/begraafplaats. Mooi voor close-ups van de hopsa’s!

Bij Mike en Jan heeft Joost de memory kaartjes van onze camera’s uitgelezen, zodat we nog een aantal foto’s van de ‘gestolen’ twee weken hebben kunnen redden. Gelukkig!
Zaterdagavond hebben wij gekookt voor Mike en Jan, en we hadden ook nog een kadootje voor hen gekocht. Het was een erg gezellige avond. En de wereldbol was dus ook van de partij.

THANK YOU AGAIN, Mike and Jan!!

[Helaas geen foto...] En na een tijdje Indische Oceaan is het nu tijd voor iets anders: een bloemenzee! We waren al op de hoogte van de Wildflower Way en de bloemengekte die blijkbaar heerst bij de (oudere generatie?) Australiërs over de wildflowers in dit gebied. Onze route liep van Geraldton naar Mullewa, binnendoor door het Coalseam Park naar Mingenew en dan naar Dongara aan de kust.

En inderdaad – bloemen, heel veel bloemen. Eerst denk je dat het wel mee zal vallen, maar het wordt steeds erger: de bermen staan in volle bloei: met brem en andere struiken, voornamelijk in het geel. Dan volgende everlastings: bloemetjes die hun bloemblaadjes niet verliezen als ze uitgebloeid zijn. In wit en geel – en dan heeeeeel veel. Bermen vol! In Mullewa is er een Wildflower Trail waarin je door zeeën van deze bloemen loopt. Het Coalseam Conservation Park staat er ook vol mee. Er groeien ook nog roze bloemetjes tussendoer (schoenia’s, denk ik), en paarse, waarvan we soms weilanden vol zagen staan.
Op weg naar Mingenew gaat het gewoon door: bermen vol en in de weilanden groeien gele bloemetjes met een zwart hartje – gewoon als veevoer denk ik, want de paarden en schapen staan op deze weilanden.

Overigens zien we in dit gebied, ten Zuiden van Kalbarri, voor het eerst echt grote akkers: graan te over, maar ook koolzaad, lupine en ander groen spul. Het landschap is echt veranderd! De auto wordt nu niet meer rood van het Kimberly-stof, niet meer geel van het Kalbarri-stof (dat is hij nog wel), maar nu wordt hij zwart van de… vliegjes! Die hadden we nog niet gehad – maar de voorruit zit nu heel snel vol met kleine en grote lijkjes. En de vliegen vliegen natuurlijk ook daar waar wij lunchen. Het vervelende van de Australische vlieg is trouwens dat die niet op je eten gaat zitten, maar op alle lichaamsdelen die je onbedekt laat. En het liefst je gezicht. En het liefst dan je neus, mond en ogen. In een directe aanvliegroute daarop. Maar goed… het veranderende landschap is mooi – een wereldbol waard!

wereldbolEn dan rijd je ineens langs een bordje: “over 1 km passeert u de Steenbokskeerkring”. Huh, wat? Laten we maar even stoppen. Het stelde niet veel voor, maar toch een reden voor een Wij en de Wereldbol: we passeerden vandaag de Steenbokskeerkring. Een vermeldingswaardig feit. Toch? Zeker nu we een dag later aankwamen in Denham, de meest Westelijke stad van Australië.

We zijn dus:
- op dezelfde hoogte als begin februari dit jaar, toen we in San Pedro de Atacama (Chili) waren.
- aan de andere kant van de wereld dan de mensen die in Puerto Rico wonen (vlakbij de Kreeftskeerkring).
- recht onder Surabaya (Indonesië), waar mijn ouders begin dit jaar waren.
- op dezelfde lengtegraad als Peninsula Valdes in Argentinië, waar we in oktober vorig jaar voor het eerst walvissen gezien hebben. Je gaat hier naar het Zuiden, steekt Antarctica en de Zuidpool in een rechte lijn over, en dan weer verder naar het Noorden tot je land tegenkomt – dat is dan Peninsula Valdes.

De tegenhanger van de Steenbokskeerkring is de Kreeftskeerkring. Als je die ten Zuiden van Nederland zoekt, moet je naar het Zuiden van Algerije – nog een eind onder Marokko.

P.S. Afwijkingen voorbehouden i.v.m. de afwezigheid details en preciesie op onze wereldbol. Maar je mag het nakijken, graag zelfs!

wereldbolVan horen zeggen (een Belgisch stel in Katherine) wisten we dat Eighty Mile Beach ook ‘zeer schoon’ moest zijn. Nu was het maar 10 kilometer zandhappen naar de kust. En hier waren de bezigheden van de kampeerders voornamelijk schelpen zoeken. Het strand is namelijk (1) zeer schoon, (2) heeeeel lang en (3) bezaaid met schelpen en schelpjes. De echte fanaten laten de lucht een beetje uit hun 4WD-banden lopen, rijden dan 20 kilometer naar het zuiden (op het strand!) en zoeken daar de grote slakken: schelpen van 15-20 centimeter groot, echt mooi. Wij bleven iets dichter bij de camping, en ik vond daar kleine, maar hele mooie slakjes, koraaltjes, schelpjes… vanalles. Ik verzamelde ooit schelpen, dus ik wilde ze allemaal wel meenemen… maar helaas. Dan maar met de macrolens er bovenop – dan krijg je zere knieën, maar je schiet wel mooie plaatjes (en je hebt veel bekijks). Veel van die opa’s op de camping deden me aan mijn opa Van Oostenrijk denken: de mooiste schelpen verzamelen en schoonmaken voor de kleinkinderen, Het campingtafeltjes van opa en oma moet ook vol met schelpen gelegen hebben. Eén opa zei dat sommige schelpen dan wel kapot waren, maar zijn kleinkinderen zouden er toch wel blij mee zijn. Ik kon hem uit ervaring vertellen dat hij daar gelijk in had!

schelpjesAan het eind van de middag was er een ‘festijn’ op de camping van Eighty Mile Beach: mensen die wilden, mochten een liedje zingen (met keyboard, drumstel en microfoon) en er werd geld ingezameld voor de Flying Doctors via een loterij. Dat zingen was af en toe wel aan te horen… En weer: iedereen met zijn campingstoeltje erheen. Zo grappig dat je dan precies kan zien wie er bij elkaar horen – die hebben hetzelfde campingstoeltje :-)
Ondertussen ging de zon ook nog onder: zeker toen hij echt onder was, werd alles knalroze, knaloranje… mooi! En een paar uur daarna ben ik bij het bijna-volle-maanlicht ook nog even op het strand geweest. Dat zijn dan weer hele andere kleuren, maar het turquois van de zee kan je nog steeds zien.

’s Morgens vroeg kwam er een mevrouw met een envelop langs: Joost, die een lootje had gekocht voor de loterij, had gewonnen! Een waardebon van $30 voor de kampwinkel en een ketting. De ketting ben ik gaan uitzoeken bij een mevrouw in de caravan. Zij had de kettingen niet gemaakt, maar het hele bed lag vol. De kampwinkel hebben we niet leeg kunnen kopen, maar taart en kaarsjes hebben we nu. Handig, voor als er iemand jarig is! ;-)

Met ons vers verworven campertje zijn we de eerste dag niet zo ver gegaan: je moet namelijk eerst het papierwerk regelen, dan langs de supermarkt om (te) veel in te kopen aan voorraad, en dan wil je naar de Darwin Show – want dat is iets dat je gezien moet hebben, zeggen ze.
De Darwin Show is een kermis, braderie, een ‘laat-zien-wat-je-kunt’-tentoonstelling, een ‘koop-een-showbag’ (anders doe je niet mee)…. Het was erg grappig.
showbagsOm te beginnen met die showbag (zie foto): dat is typisch iets van hier. Je koopt een plastic zak met inhoud – die je zelf kan kiezen. De inhoud is uitgestald en je kiest een zak van een bepaalde prijs. Echt alle kinderen lopen met zo’n tas. Meestal is de inhoud snoepgoed en een speeltje – volgens mij is de inhoud veel goedkoper dan de zak ooit kost, maar goed. Ze hebben er lol in.
Dan heb je de wedstrijden. Er worden hier namelijk ook allerhande (boerderij)dieren gekeurd: duiven, geiten, kippen, ganzen, koeien, stieren… Alles wint hier prijzen. En als ik zeg alles, dan bedoel ik alles: de beste penen, eieren, courgettes, sla, muffins, taart, gehaakte kleedjes, gequilte doeken, schilderijen, orchideëen, bloemstukjes, pompoenen (72 kilo!), duifschoolwerkstukjes, legobouwwerken, aangeklede poppen, aangekleed fruit… Je kunt het zo gek niet bedenken – álles kan hier een prijs winnen. We moesten erg lachen om de hondenshow (vooral om de mensen die erbij lopen) en toen kwam nog de piggie race: vier varkentjes die, aangemoedigd door vier groepen in het publiek, een rondje rennen. Echt lachen – en superpopulair. Even verderop ging het er iets serieuzer aan toe bij de rodeo: rodeo op stieren, op paarden – gevolgd door de spectaculaire barrelrace voor meisjes en dames. En dat terwijl aan de andere kant een soort polo-wedstrijd bezig was (waarbij ze de bal in een stok met een netje vangen).

wereldbolDe volgende dag zijn we naar het Casuarina Coastal Reserve geweest, net ten Noorden van Darwin. Hier is een prachtig strand, dat bij eb ontzettend breed is. Dat was een mooi plekje voor de foto met de wereldbol (handig, zo’n camper, je hebt altijd alles bij de hand!). Dus daar issie: de wereldbol. En voor de kenners, de bijgeschreven tekst is van Pater Moeskroen :-)

(foto volgt) We staan met de wereldbol op het randje van Tully Gorge, in het Atherton Tableland, een kilometer of 100 ten westen van Cairns. De Tully Gorge was ooit een hoge, diepe, bruisende, spectaculaire waterval, maar dat is hij nu niet meer. Men heeft namelijk besloten om een dam te leggen in Lake Koombooloomba (zoiets was het), waardoor het water tegengehouden wordt. Sterker nog, het wordt om de waterval heen door buizen geloodst, waarbij aan het einde van die buizen (een paar honderd meter lager) de stroom wordt opgewekt. Prima natuurlijk, groene stroom. Maar hoe groen is het eigenlijk als je daarmee de natuur op z’n kop zet? Geen grote waterval meer, een hogere waterstand in het oorspronkelijke meer… Om nog maar te zwijgen van die enorme betonnen damwand. Maar goed, het is in ieder geval groenere energie.

Je zou verwachten dat het hier mooi weer is – dat deden wij ook. Het is tenslotte het groene seizoen, Cairns ligt bijna in de tropen, van het rif zie je alleen maar zonnige, blauwe plaatjes. Maar hier, iets verder landinwaarts, is het (op dit moment) behoorlijk bewolkt en miezerig. Het regenwoud dat hier is, moet natuurlijk op de een of andere manier groen worden – en hier heet het dan ook de Misty Mountains. Dankzij de regen lopen we al een paar dagen tussen enorme reuzen van 30 meter hoog. En ze zijn schitterend! Alleen kan je door de mist de Tully Gorge niet meer zien…

wereldbolHet kan natuurlijk wel, maar om de wereldbol mee te nemen naar 55 meter onder water… dat zag ik niet zo zitten. Dus deze foto is gemaakt vlak voor we de duik naar het zwembad van de SS President Coolidge gingen maken. We staan in (vrijwel) volledige ‘bepakking’ klaar om het water in te lopen. De Coolidge ligt in een soort ‘kanaal’ tussen twee eilanden. De kapitein dacht dat het een veilige entree naar de haven was, maar hij (een burger) wist niet dat daar mijnen waren gelegd om vijanden buiten te houden. En na twee botsingen met mijnen zonk in 1942 dit 200 meter lange schip.
Het was gebouwd als luxe cruiseliner in 1931. Mooi houtwerk, dure meubelen, zijden gordijnen en een zwembad met schitterend mozaiekwerk. Maar toen het zonk, was het schip omgebouwd tot bevoorradingsschip waar, in plaats van 800 passagiers, 5000 manschappen op zaten. Toen het zonk in Vanuatu, was het schip volgeladen met zowel die manschappen als voorraden. Tijd om de voorraden te verwijderen was er niet, maar alle manschappen zijn zonder paniek van het schip gekomen.

Het zwembad is er ook nog. Tijdens deze duik daalden we af tot 54,3 meter. Daar konden we het mozaiek van de zijkant bewonderen. De trapjes om het zwembad uit te komen, zaten er ook nog. Het grootste gedeelte van het tegelwerk is wel begroeid met koralen en andere zeeplantjes. En in plaats van mensen, zwemmen er nu vissen in….

« Older entries § Newer entries »